Gesprek laden…
Veldpost-archief
Het familie-archief van mijn vader
1 van 1 brieven ontcijferd
Leopold Pfaffenberger aan zijn vriend Anton Dodell, oktober 1942
Deze verzameling bestaat voorlopig uit één brief. Die ene brief zegt wel veel. Op 18 oktober 1942 schreef Gefreiter Leopold Pfaffenberger vanaf het Oostfront aan zijn vriend Anton Dodell in Pflugdorf, een dorp bij Landsberg am Lech in Zwaben. Het is een brief zonder opsmuk. Er staat geen heldentaal in en geen propaganda. Een man die al een half jaar in Rusland zit, zegt eerlijk tegen een vriend hoe hij ervoor staat.
Hieronder volgt het verhaal zoals de brief het vertelt. Waar de tekst onzeker is of waar we iets alleen kunnen afleiden, staat dat erbij.
Leopold begint met een zacht verwijt. Hij had Dodell al eerder geschreven, maar er was „tot vandaag" niets teruggekomen. Hij vraagt of zijn vriend hem „ook eens een paar regels" wil sturen. Hij wil vooral weten wat Dodell van de toestand vindt: „jouw kijk op de huidige toestand zou ik graag weer eens horen." Dat woordje weer valt op. Blijkbaar hadden de twee vaker over de oorlog gepraat, en Leopold vond Dodells mening de moeite waard.
Hij schrijft dat hij „nu al een half jaar" in Rusland is. Hij zal dus rond april 1942 zijn aangekomen. Dat is een afleiding, want een exacte datum staat nergens. Waar hij precies zat, weten we ook niet. Hij schrijft zelf alleen „In het Oosten". Dat het om het zuiden van het front ging, halen we uit een latere zin: zijn eenheid zou „uit het zuiden naar de Kaukasus" vertrekken.
Wat deze brief bijzonder maakt, is hoe nuchter Leopold is. Met hemzelf ging het „tot vandaag behoorlijk goed", schrijft hij. Maar over de oorlog is hij somber. Het jaar 1942 had niet gebracht „waar we het steeds over hadden, namelijk de beslissing". Er was geen moment gekomen waarop ze konden zeggen dat de Rus niet meer mee kon doen.
„Het gaat niet meer zo goed als vorig jaar," schrijft hij. „De Rus staat hier ook verdomd sterk." Er zou „nog heel wat werk" nodig zijn voordat de tegenstander verslagen was. Dat hij dit zo openlijk aan het papier toevertrouwde, in een brief die langs de veldpost ging, zegt iets over zijn gemoed. Het zegt ook iets over het vertrouwen tussen de twee vrienden.
Hij zag de winter aankomen en noemt die met ironie de „mooie" winter in Rusland. Volgens hem betekende die „weer stilstand tot het voorjaar". Daarna volgt de zin die misschien het meest over hemzelf zegt: „Ik ben alleen benieuwd hoe lang ik nog soldaat moet zijn. Ik heb er nu zo genoeg van, erger kan het niet. Want Rusland heb ik nu wel genoeg gezien."
Tussen de grote woorden door krijgen we een klein beeld van zijn dagelijks leven. De zomer was mooi geweest, „de hele zomer door alleen maar mooi weer". Leopold zat in een groepje van negen man en was hun kok: „Ik heb elke ochtend werk genoeg." Het eten was mager en aardappelen waren het hoofdvoedsel.
Er was ook onrust. Leopold schrijft over het „volk" dat in Rusland rondliep en noemt hen zigeuners, partizanen en „zogenaamde rovers". Dat zijn zijn eigen woorden, in de taal en met de vooroordelen van een Duitse soldaat in 1942. Voor hem betekende het dat ze altijd op hun hoede moesten zijn, zeker in de lange winternachten, „zodat ze ons 's nachts niet overvallen". De zomer was zonder problemen voorbijgegaan.
Er stond een verplaatsing op stapel. Binnenkort zouden ze uit het zuiden naar de Kaukasus vertrekken. Leopold hoopte dat de winter daar minder koud zou zijn. Hij wist ook hoe het leger werkte en voegde eraan toe dat je pas zeker weet waar je heen gaat als je er bent. Dit deel van de handschrift is lastig te lezen. De strekking is duidelijk, maar de precieze woorden niet. Of de eenheid ook echt in de Kaukasus is aangekomen, vertelt de brief niet.
Aan het eind wordt de brief persoonlijk. Leopold vraagt hoe het thuis met Dodell gaat en of zijn kwaal (Leiden) „al helemaal verdwenen" is. Wat voor kwaal dat was, weten we niet. Dan volgt een zin die in veel veldpostbrieven had kunnen staan, maar die hier heel eerlijk klinkt:
> „De dienst die we hier in Rusland hebben zou niet zwaar zijn, als je maar niet zo ver van huis weg was, van je dierbaren."
Hij sluit af met „Veel groeten en een blij weerzien in de Heimat" en ondertekent met „Je vriend Leopold Pfaffenberger."
Op de envelop staat zijn veldpostnummer, 40602 C. De brief kreeg op 19 oktober 1942 een veldpoststempel, één dag nadat hij geschreven was. Een rood dienststempel met hetzelfde nummer bevestigt de afzender.
Veel vragen blijven open. Een deel daarvan kan misschien met verder onderzoek worden beantwoord.
Misschien vullen nieuwe brieven of archiefonderzoek dit verhaal later aan. Voor nu is dit het portret van één man, op één dag in oktober 1942, die ver van huis aan een vriend schreef dat hij er genoeg van had.
De route van Leopold Pfaffenberger door de oorlog, afgeleid uit de veldpostnummers en poststempels op de brieven.
Nog geen tijdlijngegevens beschikbaar.
Wie is wie rond deze brieven — en hoe ze met elkaar verbonden zijn. Klik op een naam of kaartje voor het volledige profiel.
Personen, plaatsen, eenheden en brieven verbonden in een interactieve graaf. Sleep om te verplaatsen — hover of klik op een knoop voor details en verbindingen.
Nog geen foto's toegevoegd — je vader kan ze toevoegen via de uploadpagina.
Beheer wie het archief mag inzien. Gasten mogen alleen lezen.
| Naam | Geldig tot | Toegang | Status | |
|---|---|---|---|---|
| Laden… | ||||
Niets aanvinken = toegang tot het hele archief.
Geef dit wachtwoord eenmalig door — het is daarna niet meer op te vragen:
Stel een verbetering voor. Larry geeft sparring-feedback; pas na jouw bevestiging gaat het naar Bart.
Aandachtspunten die de analysepijplijn heeft gevonden.
Laden…
Staat er iemand op de verkeerde plank, of een brief bij de verkeerde soldaat? Kies wat je wilt verhuizen en waar naartoe. U hoeft niets opnieuw te uploaden — de verhuizing wordt doorgevoerd bij de volgende bijwerking van de site.
Laden…